De Vlaamse overheid legde samen met de sociale partners en het georganiseerde middenveld concrete doelstellingen voor Vlaanderen vast in het Pact 2020. Doelstelling 13 formuleert de ambitie inzake armoedebestrijding (al bevatten ook verschillende andere doelstellingen belangrijke elementen in dit kader):

“In 2020 ligt het aandeel inwoners dat leeft in armoede en geconfronteerd wordt met sociale uitsluiting laag in vergelijking met de best presterende EU27-landen. Dat houdt in dat in 2020 in Vlaanderen elk gezin ongeacht de samenstelling, minstens een inkomen heeft dat de Europese armoede-risicodrempel bereikt. In 2020 is er een duidelijk resultaat merkbaar van een intensieve bestrijding van armoede en sociale uitsluiting op meerdere gebieden. Het betreft resultaten van investeringen in sociale woningen, onderwijs en opleiding van kansengroepen, ziektepreventie bij kansengroepen, … Die inspanningen resulteren onder meer in een halvering van het aantal kinderen dat geboren wordt in armoede, een beperking van de laaggeletterheid tot 3% en op het vlak van huisvesting in een substantiële verhoging van de woonkwaliteit in 2020 door halvering ten opzichte van 2006 van het aandeel van de bevolking dat een woning betrekt met twee of meer structurele gebreken en/of een gebrek aan basiscomfort, onder meer door de creatie van minstens 43.000 bijkomende sociale huurwoningen zoals bepaald in het decreet Grond- en pandenbeleid."